Zo druk als een klein baasje

Wie dacht dat ik hier in Bens rustig kon gaan zitten bijkomen, ik hoopte er zelf toch wel een beetje op, heeft het mis. Tuurlijk, je weet dat ik in een zonovergoten, over-rustig dorpje buitenaf met prachtig uitzicht en prachtige zonsondergangen. Er is echt niets te doen. Het staat er gewoon mooi te wezen in het landschap met de ruïnes van de spoorlijn waar vroeger de treinen met kopererts over reden richting Pomarão, Waar het overgeslagen werd op schepen richting Engeland, waar het verwerkt werd tot het koper zoals we het kennen.
En je weet dat het bouwproject nog maar in voorbereiding is en dat ik op dit moment zijdelings wat doe voor het project in Emmen….

En toch ben ik zo druk als een klein baasje … zo voelt het tenminste.
Mijn dag begint elke ochtend om half 8, 8 uur. Na douchen en aankleden maak ik ontbijt. Ik geef toe dat ik met het klaarmaken veel langer bezig ben dan vroeger, omdat ik veel meer groente en fruit toevoeg bij de haverboterham zonder gluten en de groene thee.

vers geplukt

Na het ontbijt is het afruimen en afwassen. Er is wel een afwasmachine, maar voor een persoon ben je dagen bezig een machine vol te krijgen en de ontbijtafwas is zo gedaan. Ondertussen lees ik de digitale krant uit Nederland, beantwoord allerlei mailtjes en zoek dingen uit. Breng groenteafval, plastic en papier naar de speciale verzamelbak naast het piepkleine kerkje en kijk in de postbus. Met name of de medicijnen die ik vergeten was mee te nemen en door Rob zijn nagestuurd, al zijn gebracht. Vanmorgen lagen ze er. Gelukkig.

Het bouwproject.
Gisteren heb ik Francisco, die de topografische kaart voor me heeft gemaakt en nog een kop koffie van me tegoed had, in Mértola opgehaald. We zijn eerst naar het huisje gereden in Tamejoso waar ik na 1 maart intrek

Het buisje in Tamejoso,
ben nog niet binnen geweest.

en daarna naar mijn stuk land, even buiten Mina de S. Domingos.

Het gaat om het stuk land achter het hek. Bovenop een heuvel: je kunt kilometers ver kijken. Ik wilde uitzicht, nou ik heb een geweldig uitzicht. De bomen zijn pijnbomen.
Het huis wordt redelijk dichtbij dit hek gesitueerd. Voor je uit zie je Spanje.

We hebben tijdens de autorit (alles binnen een straal van 18 km) gesproken over hoogtes, elektriciteit, wifi, wateraanvoer en -afvoer, een gedegen aannemer/bouwer kozijnen, isolatie en op de plot enorm genoten van de stilte en de weidsheid.

Hierna heb ik Francisco teruggebracht naar Mértola en hem de beloofde koffie aangeboden. We hebben op een terrasje (20 graden) afspraken gemaakt over zijn hulp en advies, waarna hij terugging naar zijn werkplek bij de gemeente. Ik heb nog even een paar boodschappen gehaald.

Portugees leren.
Ik neem me voor nu echt tijd te besteden aan het in de praktijk brengen van het Portugees. Ik val, als ik het even niet meer weet, steeds te snel en gemakkelijk terug op het Engels. Vooral omdat de mensen die ik spreek ook Engels kunnen spreken, maar ik wil zeker ook met de mensen hier in het dorpje wat kunnen praten. Hier kom ik zeker op terug.

Het project OntwikkelWijs.
Vanmiddag is de presentatie van de methodiek die we hebben ontwikkeld op basis van het CARE-model van prof. Alexander Minnaert (RuG) c.s. in de Stenden Hogeschool in Emmen. Er komen vooral professionals en bestuurders en de politiek is er. Ik ben er niet bij, maar ik heb er vertrouwen in dat de presentatie iets bij draagt aan de bewustwording van de oorzaken van het onnodig en meer dan gemiddeld uit het onderwijs vallen van jongeren met een beperking als ASS en ADHD.
Ben benieuwd naar de ervaringen.

Ergens beginnen

Maandag 4 februari 2019. Er is veel om te leren, veel dat anders gedaan moet worden dan voorheen, er is veel om mee te maken, te ondernemen, te doen… Ik heb het overzicht wel, maar ik wil en moet stapje voor stapje ergens beginnen. Laat ik beginnen met het huisje in Bens:

Misschien overdrijf ik, maar volgens mij staan er zo’n 30 huizen in Bens. Voor het merendeel oudere mensen die heel nieuwsgierig zijn naar mij. Ze wonen allemaal in dit soort huizen. Mijn vakantiehuis heeft een grotere woonkamer/ keuken, 2 slaapkamers met badkamer, een bijkeuken en een ketelruimte. Geen tuin. Het zitje voor het huis heeft bijna de hele dag zon. Ik heb er naast de eigenaar en zijn vrouw een vreselijk aardige dame ontmoet die redelijk Nederlands spreekt, Bernadette. Ze heeft 30 jaar in Nederland gewoond. Zij en haar man zijn na zijn pensionering teruggegaan naar Portugal, maar hij is inmiddels overleden. Haar kinderen en kleinkinderen wonen in Nederland en vragen haar steeds of ze bij hen komt wonen. Maar het klimaat houdt haar tegen… Ze vertelt veel, legt veel uit. Geeft me zoals alle mensen hier een zak vol sinaasappels en citroenen, de bomen zitten er vol mee nu.

De ochtendzon in Bens.
De avondzon in Bens.
Het raster dat je ziet is van de hor.

Omdat het hier allemaal zo op elkaar lijkt en ik steeds verkeerd reed, ben ik gisteren na het brood bakken rond gaan lopen, in de zon was het 14 graden, heerlijk. Ik heb het nu allemaal in mijn hoofd zitten. Maar vanochtend, na het krabben van de achterruit, reed ik toch nog een keer verkeerd. (In de Algarve had het ook licht gevroren hoorde ik van Elly). Maar een vriendelijke dame, de zus van Bernadette, Barbara, wees me de goede kant op. Het dorp is zo klein, zo moeilijk kan het toch niet zijn, denk ik, maar toch is het verwarrend.

De parkeerplek

Echter, vanavond reed ik na mijn trip naar Faro, zo naar mijn huisje en parkeerplek. Yippeeh …. het duurt even ..

Vandaag had ik in respectievelijk San Bras de Alportel en St. Barbara (bij Faro) een ontmoeting met mijn makelaar Elly van Hulst, bij haar thuis, en de architect in zijn kantoor. We hebben alles doorgesproken en hij kan nu verder. Wat verder uitgezocht moet worden is de plek van de toegangsweg. Blijft die zo of verandert die nog door een gepland project van de buren? Hoe gaan, beter gezegd hoe kunnen we de elektra, verwarming en water concreet doen. Verder hebben we gesproken over de kleur van het huis en de schoorstenen (wit) en de dakpannen (Florence kleur), de grootte van gastenverblijf en hoofdgebouw, de indeling, de terrassen, de grootte van het souterrain en wat ik er mee wil doen, hoe het water van het dak hergebruikt kan worden etc. etc. Ik wil erg graag houten kozijnen, maar omdat ze in dit gebied door het klimaat en de zon veel te lijden hebben is dat niet slim. Elly nam mij mee naar een kozijnenmaker die aluminium kozijnen maakt met de uitstraling van hout. Ziet er absoluut niet ‘nep’ uit, want dat wil ik natuurlijk voorkomen. Rob zoekt uit wat de mogelijkheden zijn op het gebied van energie en vooral wat het kost. Ik ga alvast onderzoek doen naar de kosten van het bouwen en allerlei keuzes die te maken zijn, zoals die van de kozijnen en, deuren, keuken-, badkamerspullen, hekwerk etc. . Tips zijn natuurlijk welkom.

Voor dit blog vandaag is het leuk over een gebeurtenis te vertellen tijdens de heenreis naar Faro. Vanuit Bens kun je via de Spaanse kant van de grens rijden, maar ook via Mertola, de Portugese kant. De heenweg reed ik via de Spaanse kant. De eerste 16 km was het heerlijk steil en bochtig en reed ik door een haast verstild landschap. Tot Pomorão, precies op de grens van Spanje en Portugal bij een hele grote dam in de grensrivier de Guadiana. Wat is het hier prachtig! De weg wordt daar beter en wat breder. En daar gebeurde iets bijzonders. Je ziet vooral op de Veluwe en andere bosrijke gebieden in Nederland waarschuwingsborden voor overstekende herten en wilde zwijnen. Maar ik heb deze dieren nog nooit echt zien oversteken.

Vanmorgen zag ik binnen een kwartier beide diersoorten langs de weg. Eerst stonden vier hele donkerbruine zwijnen op een rijtje links langs de kant van de weg op het punt om over te steken. Naar een beter voedselgebied misschien. Ik was al behoorlijk dicht bij. Ze aarzelden en sprongen toen ik op 20 meter afstand langs raasde terug het kreupelhout in. Gelukkig, denk ik maar. Nog geen 200 meter verder zag ik het hoofd van een hert uit de bosjes steken en vervolgens de weg op komen en er volgden er meteen acht. De afstand was gelukkig groter en ik matigde mijn snelheid, waardoor ze tijd genoeg hadden om allemaal veilig de andere kant te bereiken. Dit is me in Nederland nog nooit overkomen en hier gebeurde het twee keer in een kwartier tijd. Prachtig, mijn dag kon niet meer stuk.

Weer in Bens, voel ik me moe, en neem me voor vroeg met een spannend boek naar bed te gaan. Morgen komt de eigenaar naar de wasmachine kijken die ik zaterdag heb gebruikt. Volgens mij lekt die…

On the road 6: eindbestemming Portugal

Bij het uitchecken was de receptionist van het hotel in Cáceres vanmorgen iets te enthousiast. De koelbox gleed van het karretje en alles lag verspreid over de hotelvloer bij de receptie. Ik hoopte dat het geen slecht voorteken was en dat er vandaag niet nog meer pech in het verschiet lag. De receptionist vond het vreselijk natuurlijk. Als genoegdoening kreeg ik de halve fles rode wijn cadeau die ik gisteren op de hotelkamer zag staan en ik kreeg drastische korting op mijn parkeerkosten. Mooi wel. Nu ik dit blog schrijf is het vandaag inderdaad voor mij bij dit ene incident gebleven. Bij Badajoz op de grens van Spanje en Portugal zag ik wel een vrachtwagen op de kop in de berm zal liggen. En daar schrok ik echt even van, omdat het vrij stijl afliep daar en het voor de chauffeur moeilijk moet zijn geweest uit de cabine te klimmen.

De reis naar het eindpunt, Bens, een gehuchtje dat in de buurt ligt van de grond die ik gekocht heb, was meer dan 400 km. Nadat ik Cáceres uit was, en dat was nog best een opgave vanwege de smalle straatjes en de scherpe en stijle bochten, reed ik richting Portugese grens en waren het geen snelwegen meer, maar 80 km wegen. Vooral op de slechte delen met hobbels en gaten kon ik de 80 zelfs niet eens halen! Ik heb er dan ook 5 uur over gedaan.
Het landschap tot Badajoz, dat halverwege de trip op de grens van Spanje en Portugal ligt, was prachtig. Vooral veel olijfbomen, die oude veeltakkige en de piepkleine, die net uit de grond lijken te springen. En daaronder veel bruine koeien met hun kalfjes en veel schapen met lammetjes !
Na Badajoz werd het genieten. Naar het zuiden door het Portugese natuurgebied Parc National do Vale do Guadiana. Hier loopt de grensrivier Guaniana, waar ik ook op kijk straks. Zo prachtig, met veel heuvels en dalen en fantastische vergezichten. Het was zo rustig op de weg dat ik met gemak rond kon kijken. Omdat ik tijd genoeg had, ben ik twee keer extra uitgestapt in een dorpje met zo’n klein kantineachtig cafeetje voor een zwarte koffie (0,80 cent!). Er zaten veelal boeren die even (?) aan het chillen waren en een pot bier dronken. Veel foto’s van voetbalclubs aan de muur. Ze keken volgens mij wel een beetje raar op dat een vrouw, een buitenlandse vrouw nog wel binnenkwam. Maar even later was de belangstelling weg en dat was maar goed ook, Een keer stopte ik in een dorpje waar de sinaasappelbomen langs de hoofdweg vol hingen met sinaasappels die klaar waren om geplukt te worden! Ik had de neiging dat meteen te doen en lekker wat sinaasappels te scoren.

Mijn gastvrouw Maria heeft ze ook in de tuin en er liggen nu 6 dikke grote sinaasappels (en 6 grote citroenen) boordevol sap op de fruitschaal op tafel.
Ik heb me vast voorgenomen ook fruitbomen in de tuin te planten.

Het vakantiehuis dat ik een maand heb gehuurd staat in Bens. Morgen zal ik een paar foto’s maken. Nu regende het en waaide het best hard.

Na enig heen en weer gebel (ze kennen in Portugal geen adressen, alleen coordinaten en dat is vaak gokken waar het nou precies is) kwam Alexandre mijn kant op. Ik werd heel hartelijk ontvangen, dat wil in Portugal zeggen omhelsd, door hem en Maria. Van oorsprong komen ze uit Frans Mozambique maar zijn al veertig jaar woonachtig in Portugal.

Een charmant, open, serieus ouder stel, dat nog een huis heeft in Bens en een bij Lissabon. Waar ik van harte wordt uitgenodigd.
Ze vertelden dat een van hun zoons met een Nederlands meisje is Utrecht is getrouwd. Ik was verrast, wat leuk! Ze hebben geholpen bij het uitladen van de auto en meteen hun hulp aangeboden bij het vinden van markten en winkels waar ik mijn speciale spullen kan kopen. Zelf brood bakken zal het wel worden denk ik. De rest is goed beschikbaar, als je weet waar. En wanneer want er komen op vaste dagen in de week marktkooplui in de kleine gehuchtjes . Handig. Het schema is op de koelkast geplakt.

Maandagmiddag ga ik naar Faro. Naar Elly van Hulst, de makelaar waar ik de grond van gekocht heb en naar de architect José om de voortgang te bespreken. Morgen, zaterdag, geen blog, ik ga even chillen en rondlopen en rondrijden om me te oriënteren (en daar een paar foto’s voor het blog van te nemen) en om wat boodschappen te doen.

On the road – dag 5

Cáceres, Spanje, de laatste stop voor ik morgen naar de eindbestemming Bens in Portugal rijd.

Het was een intensieve trip vandaag: 432 km door voornamelijk laaghangende wolken. Met de Eagles luid op de speakers reed ik door dichte wolkenflarden, die me een vreemd tunnelgevoel gaven. Het was niet koud en dus niet glad en dat maakte het rijden niet vervelend. Ik deed zelfs mijn jas uit, zo warm werd het op enig moment (14 graden).
Als Hotel California door de speakers klinkt, nummer 5 op de CD, zing ik hard mee en sla ik met de drummer Don Henley flink mee op mijn stuur. Het is maar goed dat jullie me niet kunnen horen, maar ik vind het heerlijk zo in de auto.

Onderweg kwam ik weer de enorme vlaktes tegen met ofwel graan ofwel olijvenbomen. Het woord graan- of voedselschuur kwam bij me op. Wat heeft Spanje toch een mogelijkheden voor voedselproductie voor zichzelf en de wereld. Het is jammer dat steeds meer jonge mensen in de stad willen wonen en werken en niet meer in de agrarische sector. We zouden met enige slimheid heel veel honger in de wereld kunnen voorkomen en bestrijden.

Ik kwam om half 5 in het hotel, dat midden in het oude centrum ligt en alleen met veel stijgingen en scherpe bochten te bereiken is. Gelukkig vind ik dat niet eng. Goede concentratie en rustig blijven is belangrijk. Toch vloek ik soms wel hoor als het niet vanzelf gaat…of als ik verkeerd rijd… soms moet je dan onder lastige omstandigheden terug. Vandaag moest ik ook terugrijden uit een smalle doodlopende straat die flink naar beneden afliep. Trots ben ik op mezelf dat ik dit rustig blijvend voor elkaar kreeg. Toen ik mijn bagage in mijn kamer had gezet, moest ik nog een kunststukje verrichten. De auto kon, zoals bij veel hotels in het centrum van een stad, niet bij het hotel zelf geparkeerd worden. Dat moest in een parkeergarage verderop. Zo’n enge, met niet al te brede rijbanen (ik kon er echt net doorheen) en donkere vreselijk smalle parkeerplekken. De receptionist legde in gebroken Engels uit hoe ik moest rijden. Ik hoor niet goed en door dat gedreun voor het hotel was het helemaal een uitdaging, dus vond ik het wel even spannend of ik het in al die nauwe straatjes kon vinden. Ik vroeg om de straatnaam en heb deze gewoon weer in Google Maps getypt en de route gestart. Woow, ik vind dit zo’n geweldige toepassing. Dit ging best soepel. Toch heb ik me voorgenomen om morgenochtend met de bagage naar de parkeergarage te lopen en niet eerst de auto te halen en dan de bagage op te halen.

Al met al was er geen tijd om iets aan sightseeing te doen. Van Cáceres heb ik alleen een klein stukje gezien op mijn weg naar het hotel en de parkeergarage en de wandeling van de parkeergarage naar het hotel. Het heeft inderdaad een oude binnenstad die op de werelderfgoedlijst staat (!), waarin op dit moment veel gebouwd, gerepareerd en aangelegd wordt. Wat een zooitje. Voor het hotel is het daardoor een drukte van belang. Lastig zakendoen denk ik dan. Maar misschien is alles met de zomervakantie voor de toeristen dan klaar?
De foto’s maak ik meestal zelf, maar in dit geval heb ik op Google gekeken naar foto’s voor een impressie:

Dit is het Plaza Mayor Arco waar ik langs gereden ben.

De stad heeft wel indruk gemaakt. Er is ook een mooie kathedraal begrijp ik.

Ik eet vanavond op mijn kamer en maak dit blog. Morgen laatste etappe. Dat vind ik nou wel weer spannend, hoe is het vakantiehuis, hoe zijn de mensen, hoe zullen ze kijken al ik al mijn spullen ga uitladen…..

On the road – dag 4

Als vrouw alleen op reis gaan is niet eng. Zeker als je overdag rijdt niet. Ik merk dat ik veel meer aanspraak heb dan wanneer je met zijn tweeën op pad gaat. Tot nu toe gaat het top. Ik heb me vandaag wel weer verreden. Toen ik Bilbao uitreed, sloeg mijn navigator op hol. Ik had er niets aan. Ik heb nog gauw mijn Google maps aangezet, maar die instructies waren ook niet echt helder. Ik zag dus twee keer te laat welke weg ik moest nemen. Daarom moest ik twee keer om- en terugrijden. Stom. Stomme navigatie. Reden is dat je de wegnummers scherp moet hebben en welke kleine plaatsjes daar bij horen om de goede richting te kunnen bepalen. Dat had ik niet gedaan. Je begrijpt Burgos, dat helemaal niet zo ver van Bilbao ligt, stond niet op die borden en dan gaat het snel mis. Je komt vind ik in Spanje ook niet zo gemakkelijk als in Nederland terug op de goede route.
Het landschap was prachtig vandaag: grote en weidse vergezichten, grote hoogteverschillen, langzaam rijdende vrachtauto’s en voorbij snellende Audi’s en BMW’s X3 en X7, wit besneeuwde toppen van de uitlopers van de Pyreneeën en vooral de kleuren: het bleekgrijs, wit en lichtblauw tegen het zachtgeel, beige, bruin en groen. Met de leisteenkleur van de rotsen. Ik word hier helemaal blij van. Prachtig.
Toen ik weer even ergens wat koffie haalde, kwam ik vlak bij Burgos een heel leuk Nederlands stel tegen, dat een maand in de Algarve, in de buurt van Albufeira gaat verblijven. Dit wat oudere stel had leuke anekdotes over hun vakanties in Portugal en gaven me nog een goede tip voor als ik geen of slechte wifi heb. Zo leer ik elke dag wat bij.

Mijn lerares Portugese spreekvaardigheid verbaasde zich dat ik voor Burgos had gekozen om te bezoeken en niet voor Salamanca. Een veel rijkere en oudere stad dan Burgos. Ze heeft natuurlijk gelijk, het zou fantastisch zijn, maar ik vind het dan voor een halve dag veel te veel en jammer ook, omdat je dan zoveel niet kunt zien. Burgos is goed te overzien, het is ook een oude stad, 885 na Christus, en koninklijk en heeft zijn strijd tegen de Moren gehad. Naast het paleis (Castillo Burgos met vesting) heeft de stad een enorme, indrukwekkende, rijke kathedraal. Als ik dan toch in Burgos was, moest ik van mijn lerares zeker de kathedraal bezoeken. Inderdaad, ik stond binnen 2 dagen weer paf. Het bekende verhaal. Een altaar of grafstuk is protserig, over gedecoreerd of zelfs kitscherig, maar omdat de omgeving zo sereen en prachtig is, kun je het verdragen. En deze kathedraal heeft talloze vergulde altaren, over gedecoreerde graven, heel veel prachtige schilderijen van Belgische meesters, indrukwekkende muurschilderingen en beeldpartijen. Ongelofelijk deze kathedraal, die naar de voorbeelden in Parijs is gemaakt. Maar deze is zo groot, zo mooi, zo veel, zo …

Een van de vele kapellen in de kathedraal van Burgos
en een van de vele prachtige koepels

Ondanks de kou vandaag, het was 6 graden maar de koude wind maakte dat het 2 graden aanvoelde, heb ik de Castillo Burgos bezocht. Ik moest flink lopen en trappen beklimmen, maar dat was goed voor mij na zo’n autorit. Ik kreeg een prachtig uitzicht over de stad en de omgeving. Dat hoort bij een vesting. Je kunt de vijand van alle kanten aan zien komen en op tijd maatregelen nemen. Ik was de enige bezoeker, niet gek met die koude wind. (Voor de tweede keer) vandaag kwam ik in gesprek met een Spaanse bewaker/suppoost die 6 maanden in Nederland had gewerkt. In Venlo en hij sprak nog steeds een woordje Nederlands. Een ontzettend leuk gesprek over van alles en nog wat, ook over de geschiedenis van de stad en de castillo. We wensten elkaar bij het gedag zeggen een goede toekomst toe.

De laatste stop. Morgen gaat de reis verder naar Cáceres, een stad van ca. 100.000 inwoners, met een oude stadskern en muurschilderingen van meer dan 30.000 jaar oud.

On the road – dag 3

Omdat het maar zo’n 110 km naar Bilbao was, kon ik in Irun vanochtend rustig aan doen. Ik nam een ontbijtje (zonder brood, melk, boter) met veel fruit, kipfilet en thee. Rekende af, zette spullen in de auto en ging op weg naar Bilbao. Ik was er ondanks de stromende regen om 11.15 uur. Het hotel staat in het centrum van de stad. Het heeft een parkeergarage ondergronds en daar vond ik naast de brandweerauto’s nog een prima plekje. Fijn. Bij de receptie trof ik een ernstig kijkende Spaanse receptionist die Nederlands tegen me sprak. Hij wilde de taal oefenen net zoals ik dat straks in Portugal ga doen. Dus ik sprak Nederlands met hem en gaf hem een compliment omdat hij zich goed verstaanbaar kon maken. Na het uitpakken ben ik meteen gaan lopen. Met Google Maps kon ik het museum zo vinden en er in 20 minuten naar toe lopen. Het ligt groots en indrukwekkend aan de rivier “Rio de Bilbao”en bij een prachtige, moderne kleurrijke brug die twee wijken verbindt.

De architectuur uit de laat negentiger jaren is vernieuwend, verbluffend, apart. Ik werd er stil van ondanks de gestaag stromende regen. De materialen die gebruikt zijn, zijn ongewoon en met computersoftware heeft de architect een ontwerp gemaakt dat buiten en binnen alles fantastisch met elkaar verbindt. Buiten loopt vloeiend door naar binnen, met prachtige doorkijkjes en een lichtinval waar goed over is nagedacht. In het grote atrium doet de vormgeving me zelfs een beetje denken aan de Sagrada Familia. Met deze link probeerde ik iets van de sfeer te vangen: https://photos.google.com/photo/AF1QipOfcC_fhvNCrWf42KYq1uHPOzuAFGIH0w6WNkJD

In de bijzaal stonden de enorme stalen objecten opgesteld uit het boek van Dan Brown, al wat roestig wat ze een mooie kleur geeft. Letterlijk en figuurlijk dwaal je er in rond, wordt je in verwarring gebracht door de onmogelijke hellingen van de wanden, de konische vormgeving en de steeds wisselende breedtes van de gangen. Prachtig.

Ik ben er naar drie tentoonstellingen geweest: Van Gogh tot Picasso, een overzicht van de nalatenschap van de beroemde kunsthandelaar Justin K.
Thannhauser en een retrospectief over Alberto Giacometti, de van oorsprong Zwitserse kunstenaar die fantastische objecten maakte als deze

Giacometti vindt het menselijk lichaam op zijn mooist als het lang en slank is. Zijn modellen moeten uren stil zitten om de kunstenaar het gevoel te geven dat hij ze lang en smal kan maken.

En deze

Zijn vrouw Annette

Giacometti aan het werk, het maakt veelal eerst uitgebreide schetsen en schilderijen en maakt dan de beelden. Zijn beelden leven op grote voet.

En als laatste een verzameling grote abstracte werken uit de vaste collectie, eentje was van Willem de Kooning. Met moeite kon ik me losmaken van dit enorme museum, de reusachtige lichte zalen en de werken. Maar ik werd moe en moest nog een flinke wandeling naar het hotel maken. Onderweg heb ik mezelf op een grote kop thee getrakteerd.

In het hotel ben ik wat gaan lezen, me afvragend of ik nog naar het oude stadsdeel zou gaan om wat te eten. Vanwege de aanhoudende regen heb ik dat niet gedaan en een hamburger zonder broodje gegeten in het hotel. Ook lekker.

Morgen dag 4: op weg van Bilbao naar Burgos

On the road – dag 2

Versailles – Irun Spanje, een rit van 809 km. Het langste traject, omdat ik morgenmiddag naar het Guggenheim-museum in Bilbao wil. Enerzijds natuurlijk voor de bijzondere architectuur maar ook voor de tentoonstellingen die men nu heeft.

Ik ga ook naar
Casco Viejo
Dit is de officiële naam van het oudste stadsdeel van Bilbao ‘Las Siete Calle’ Hier zijn de meest mooie oude geveltjes, smalle straten en kerken zoals de kathedraal van Santiago, San Nicolás, Santos Juanes, San Anton en nog heel veel meer. Ik ga er ook een eetgelegenheid zoeken. Voor mij passende (maar lekkere) tapas bijvoorbeeld.

De reisdag vandaag had verschillende gezichten. Stel je voor, vanochtend stond ik om 06.30 uur de voorruit te krabben! Ik had dit niet in Parijs en omstreken verwacht. Dat de wegen ook glad waren, werd me duidelijk toen ik zag dat het -1 graden was en er uitgebreid gestrooid werd op de A10 naar Orléans. In het begin sloeg ik even verkeerd af naar de A11 naar Chartres (ook mooi). Maar dat zou een te grote omweg zijn. Dus omgekeerd en 20 km terug gereden naar de afslag A10. Dat kostte me zeker een half uur op een dag dat ik al zo’n groot traject moest afleggen, maar gelukkig kon ik de hele 809 km doorrijden. Geen files, hier en daar ietsje drukker, maar dat mag geen naam hebben. Onderweg had ik afwisselend -1 graden, +4 graden, 7 graden, 10 graden en weer terug naar 7 graden. Met veel, heel veel miezer-regen, laaghangende wolken en hinderlijke stuifregens door opspattend water van voor- of voorbijgangers. Vrachtwagens vooral. Dit was goed maar wel erg intensief rijden. Ik ben er wel 3 keer echt uit gegaan om koffie te drinken. Iemand vroeg me hoe ik het vond als vrouw zo’n reis in mijn uppie maken. Tot nu toe vind ik het geweldig. Ik kan doorrijden, heb een goede veilige auto tot mijn beschikking, ik rijd niet ’s nachts, want dat is vragen om moeilijkheden misschien. En ik heb alles van te voren geboekt.

De zwarte koffie is zo heerlijk. Straks in Portugal betaal ik
€ 0,60 cent. Hier in Frankrijk kost hij wel € 2,00

Minder leuk is dat ze onderweg niet veel voedsel hebben dat ik mag hebben. Ik heb daarom glutenvrij haverbrood gemaakt of gekocht, ingevroren en geseald mee-genomen. Dat kan ik op mijn kamer maken met passend beleg en geklaarde boter. En veel fruit, komkommer en tomaat er bij. Dat smaakt prima.

Ik heb een cruise control en dat maakt dat je onderweg eens goed naar de omgeving kunt kijken. Ik vind dat Frankrijk, ondanks de regen de afgelopen dagen, een prachtig, afwisselend en interessant landschap heeft. Opmerkelijk vond ik wel dat onder Bordeaux ontzettend veel bomen zijn geplant. Je kunt ze er in allerlei stadia zien. Veel naaldbomen ook, waaronder de pijnboom, een mooie frisgroene boom. Zouden dit trouwens compensatiebomen zijn, compensatie voor de CO2 uitstoot van vliegtuigen ? Zou kunnen toch ?

Pijnboom die je veel in de Algarve ziet

Het toeval wil dat er op mijn stuk grond veel staan, met pijnboompitten die je kunt oogsten.

Zie je de pijnboompitten zitten ?

Dit Ibis budget hotel in Irun is moderner dan de vorige, gelukkig, maar de speciale geur is er helaas ook. Uit mijn herinnering weet ik dat sommige schoonmaaksters de doeken die ze gebruiken niet goed drogen, waardoor de geur van de doek achter gelaten wordt op tegels etc. Dat ruik je. Ik zal daar beslist een opmerking over maken, want de evaluatiemail van de Accor hotels is al binnen.

En nu, alles doet me zeer, dat moet me van het hart. Het is natuurlijk niet leuk en misschien ook niet interessant om dat in een blog op te nemen. Maar na zo’n natte, vochtige dag, zo’n lange intensieve rit en veel zitten in de auto, kon ik niet anders verwachten. Ik ga vroeg op bed liggen, wat tv kijken via de laptop en slapen.
En mijn gevoel? Het blijft een beetje dubbel: de uitdaging, het avontuur en anderzijds geen huis meer hebben vooralsnog. Zo word ik nog eens een bohemien… Ha ha..

Morgen: On the road 3: Bilbao. Ik kijk er ontzettend naar uit.